Complottheorieen

Holocaustontkenners praten vaak een pamflet na, ’66 Vragen over de Holocaust’. De vragen zijn geen vragen maar beweringen. De website Nizkor heeft ze alle 66 ontzenuwd.
Hieronder de weerlegging van vragen die Holocaustontkenners stellen om hun complottheorie aan de man te brengen: volgens hen is de sjoa een mythe die in stand wordt gehouden door een gigantische samenzwering. Klik op de plus of min voor een vraag om het antwoord op die vraag te openen of sluiten.
Antwoorden op andere vragen vind je hiernaast.


Het IHR zegt:

Het vrijwaart ze van kritiek op hen als groep. Het schept een ‘gedeelde band’ waarmee hun leiders ze in hun macht houden. Het is een middel om fondsen te werven en om hulp aan Israel te rechtvaardigen, ter waarde van zo’n $10 miljard per jaar.

De Samisdat-versie heeft ook nog:

Het ‘grote-H’-verhaal is ontworpen om de niet-Jood met schaamte te overladen: “Arme Joden! Wat lijden ze toch!”

Nizkor antwoordt:

Dit argument grenst aan de waanzin. De VS was een van de voornaamste krachten die de Holocaust aan de kaak stelden. Hebben de VS de Holocaust soms uitgevonden opdat ze later geld konden geven aan Israel?

Hoe zit dat bovendien met de voormalige Sovjet Unie? Sjoa-ontkenners beweren dat het meeste zogenaamd-vervalste bewijs van de Holocaust daar is vervalst. Een van hun populairste boeken is The Holocaust: Made in Russia door Porter. Maar de Sovjet Unie was de traditionele vijand van Israel, zij steunde en bewapende de vijanden van Israel.

En wie zegt dat de herinnering aan de sjoa de reden is dat de VS geld geven aan Israel? De VS hadden – en hebben nu nog – belangrijke strategische redenen om Israel te steunen en nog meer steun te geven aan Egypte.

Tenslotte, waar komt dat bedrag van tien miljard dollar vandaan? Dit is een enorme overdrijving, zoals te zien is in onderstaande tabellen:

tabel2
Het op niets gebaseerde bedrag van tien miljard dollar per jaar is stilletjes verwijderd uit de herziene versie van de “66Q&A”. Het beledigende commentaar over Joden die in de macht van hun leiders zijn is ook geschrapt. De nog kwetsender, sarcastische opmerking over de Joden, “wat lijden ze toch” komt blijkbaar uit de pen van (de rabiate sjoa-ontkenner die de Samisdat-versie schreef) Ernst Zündel.



Het IHR zegt:

Het rechtvaardigt de miljarden dollars aan ‘wiedergutmachung’ die de Staat Israel heeft ontvangen van West-Duitsland (Oost-Duitsland heeft geweigerd te betalen). [Dit is blijkbaar geschreven voor de hereniging van Duitsland, vert.] Het wordt gebruikt door de Zionistische/Israel-lobby om de Amerikaanse buitenlandse politiek om te buigen ten voordele van Israel en om Amerikaanse belastingbetalers te dwingen al het geld te betalen dat Israel wil. En de kosten stijgen elk jaar.

De Samisdat-versie zegt:

Het rechtvaardigt de meer dan $65 miljard dollar aan ‘wiedergutmachung’ die de Staat Israel heeft ontvangen van Duitsland. Het wordt gebruikt door de Zionistische/Israel-lobby om de Amerikaanse buitenlandse politiek om te buigen ten voordele van Israel en om Amerikaanse belastingbetalers te dwingen al het geld te betalen dat Israel wil. En de kosten stijgen elk jaar.

Nizkor antwoordt:

Er worden geen herstelbetalingen gedaan voor door de nazi’s vermoorde mensen. Er wordt alleen restitutie betaald aan overlevenden voor verloren bezittingen en als smartegeld. Het zal duidelijk zijn dat de overlevenden – als het ze primair ging om herstelbetalingen – er meer belang bij zouden hebben om het dodencijfer te milimaliseren en juist niet te maximaliseren.

Zonder verstrikt te willen raken in een discussie over hedendaagse politiek, wijzen wij er slechts op dat er duidelijke redenen zijn waarom het in het nationaal belang is van de VS om Israel te steunen. Als het IHR dit van de hand wijst, en denkt dat alleen een tragedie als de sjoa het bedrag aan steun dat Israel ontvangt kan verklaren, dan kunnen zij misschien eens uitleggen waarom Egypte nog meer steun krijgt (zie de tabel in de vorige vraag).



Het IHR zegt:

Het correleert met het Oud Testamentische idee dat Joden het vervolgde “Uitverkoren Volk” zijn. Het houdt het door Israel gecontroleerde “Heilige Land” bovendien toegankelijk voor geestelijken.

Nizkor antwoordt:
Misschien kan een geestelijke hier commentaar op leveren.



Het IHR zegt:

Het maskeert hun enorme oorlogszuchtigheid en de grote hoeveelheden misdaden die zij zelf voor, gedurende en na de oorlog begingen.

Nizkor antwoordt:

Historici en de publieke opinie zijn heel goed op de hoogte van wreedheden die communisten hebben begaan. Hun misdaden, verschrikkelijk als zij zijn, hebben helemaal niets te maken met de feiten over de sjoa.



Het IHR zegt:

Hetzelfde voordeel als de Sovjet Unie.

Nizkor antwoordt:

Irrelevant moreel relativisme.



Het IHR zegt:

Nee.

Nizkor antwoordt:

Natuurlijk is dat er wel. Himmler, Eichmann, Höss en anderen hebben gezegd dat het bevel voor de genocide rechtstreeks van Hitler kwam.

Bedenk dat Hitler in december 1942 een rapport ontving van Himmler, waarin stond dat er tussen augustus en november 1942 363.211 Joden waren vermoord. Dit was slechts een van de vele rapporten van de Einsatzgruppen, die de taak hadden de Joden en anti-nazi’s uit te roeien achter de oostelijke frontlinie. Een foto en de tekst van dit rapport zijn beschikbaar.

Of overweeg een telefoon-memo van Hitler aan Himmler, waarin Hitler beval een bepaalde treinlading Joden “niet te liquideren”, omdat zij verdenkingen hadden tegen een van de passagiers en die wilden verhoren. Als Hitler niets wist van het liquidatieproces, hoe kon hij dan bevel geven het in dit ene geval tegen te houden? (Ironisch genoeg gebruikte David Irving een deel van dit telefoon-memo, uit contekst gerukt, om aan te geven dat Hitler probeerde het uitroeiingsprogramma op te laten houden. Dit was natuurlijk voordat dhr Irving van gedachten veranderde en besloot dat er nooit een uitroeingsprogramma is geweest, laat staan dat Hitler daarvan wist.)

Uit de memoires van Höss (Höss, Commandant of Auschwitz, 1959, p. 205):

In de zomer van 1941, de precieze datum kan ik mij niet herinneren, werd ik plotseling bij de Reichsfuhrer-SS [Himmler] ontboden, rechtstreeks door het kantoor van diens adjudant. In tegenstelling tot wat hij gewoon was te doen, ontving Himmler mij zonder zijn adjudant en hij zei:
“De Führer heeft bevel gegeven dat het Joodse vraagstuk eens en vooral moet worden opgelost en dat wij, de SS, dit bevel moeten uitvoeren.”

Eichmann verklaarde het volgende in zijn laatste toespraak tot het Hof, nadat hij ter dood was veroordeeld:

Deze massamoorden zijn uitsluitend het resultaat van het beleid van de Führer.

Dit citaat is ontleend aan het verslag van de van de revisionist Paul Rassinier in The Real Eichmann Trial, 1979, p. 152.

Felix Kersten was de persoonlijke manueel therapeut van Himmler. Hij schreef in zijn memoires (Kersten, The Kersten Memoirs, 1956, p. 162-3):

Vandaag had ik een heel lang gesprek over de Joden met Himmler. Ik zei dat de wereld de uitroeing van de Joden niet langer zou tolereren; het was hoog tijd dat hij er een eind aan maakte. Himmler zei hij daartoe niet bij machte was: hij was niet de Führer en Adolf Hitler had dit uitdrukkelijk bevolen. Ik vroeg hem of hij zich realiseerde dat de geschiedenis hem ooit zou aanwijzen als een van de grootste moordenaars ter wereld, vanwege de manier waarop hij de Joden had uitgeroeid. Himmler antwoordde dat hij niets verkeerds had gedaan en alleen de bevelen van Adolf Hitler had opgevolgd.
…Ik zei tegen Himmler dat hij nog steeds een kans had om er goed af te komen in de geschiedenis, door menselijkheid te betonen jegens de Joden en andere slachtoffers van het concentratiekamp – als hij het echt niet eens was met Hitlers bevelen om ze uit te roeien. Hij kon eenvoudig sommige bevelen van de Führer vergeten, en ze niet uitvoeren.
“Misschien hebt u gelijk, Herr Kersten”, antwoordde Himmler, maar hij zei ook dat de Führer het hem nooit zou vergeven en hem onmiddellijk zou laten ophangen.

Op 28 november 1941 had Hitler een ontmoeting met de Mufti, Haj Amin Husseini. Dr. Paul Otto Schmidt maakte notulen van de bespreking (zie Fleming, Hitler and the Final Solution, 1984, pp. 101-104). Tijdens deze bespreking beloofde Hitler de Mufti dat, nadat een bepaald doel was bereikt, “Duitsland enig overgebleven doel in de regio beperkt zou zijn tot de totale vernietiging van de Joden die onder Brits protectoraat in Arabische landen woonden.”

Vergeet ook Hitlers publieke redevoeringen niet, die zijn aangehaald in het antwoord op vraag 1. Hij verklaarden niet minder dan driemaal in het publiek dat hij voornemens was de Joden uit te roeien.

En dat noemt het IHR “geen bewijs”.

In de oorspronkelijke versie van de ’66 Q&A’ was deze vraag overigens hetzelfde als vraag 53, in andere bewoordingen:

“Is er enig bewijs dat Hitler wist van de massavernietiging van Joden? (vraag 26, origineel);
“Welk bewijs is er dat Hitler wist van de Joodse vernietiging die gaande was? (vraag 53, origineel en herziene versie).

Dat geeft een idee over de hoeveelheid zorgvuldig nadenken die er in dit pamflet is gestoken.

Aanbevolen lectuur: Fleming, Hitler and the Final Solution.